Over Varkens in Nood
Missie
Stichting Varkens in Nood komt op voor de varkens. Met beschaafde, actuele en spraakmakende campagnes proberen we consumenten en supermarkten ervan te overtuigen dat onze varkens een beter leven verdienen. Om de intensieve veehouderij een halt toe te roepen, moet de publieke opinie ten gunste van de dieren veranderen.
Oprichting
Varkens in Nood is in 1997, ten tijde van de varkenspest, opgericht door schrijver J.J. Voskuil. Nederland was, net als Voskuil, geschokt door de televisiebeelden en krantenfoto’s van de miljoenen varkens die in grijpers werden afgevoerd. Voskuil besloot zijn bekendheid als schrijver in te zetten voor de dieren die hij een warm hart toedraagt. Met zijn echtgenote deed hij een oproep aan mensen om in de landelijke dagbladen gezamenlijk grote advertenties tegen de bio-industrie te plaatsen. Hieraan werd massaal gehoor gegeven. Wat bedoeld was als een eenmalige actie, werd het begin van Stichting Varkens in Nood.
Oprichter J.J. Voskuil
Op 1 mei 2008 overleed schrijver en oprichter van Varkens in Nood J.J. Voskuil. Voskuil startte ten tijde van de varkenspest in 1997 met zijn vrouw Lousje een actie bedoeld om de bio-industrie in Nederland af te schaffen. Via kleine advertenties in kranten werden de lezers opgeroepen 25 gulden te storten voor een grote advertentie met een oproep aan de regering. De actie van de Voskuilen werd een groot succes: 12.000 mensen stortten 25 gulden of meer waardoor er paginagrote advertenties in een aantal dagbladen geplaatst konden worden. Tijdens deze eerste actie sinds vele jaren voor de dieren in de bio-industrie, richtte Voskuil met fiscaal jurist Hans Baaij de stichting Varkens in Nood op. Een stichting die vandaag de dag nog steeds bestaat en zeer actief is.
Voskuil stond in Nederland aan de wieg van een nieuw soort dierenbescherming, een beweging zonder activisten maar gesteund door talloze schrijvers en andere bekende Nederlanders, zoals Koos van Zomeren, Youp van ’t Hek, Jan Terlouw, Yvonne Kroonenberg en Karen van Holst Pellekaan. Na het verdwijnen van de actiegroep “Lekker Dier” was er in Nederland nauwelijks nog aandacht voor de miljoenen dieren in de bio-industrie, maar door de Voskuilen kwam daar in 1997 verandering in. Hoewel Voskuil na 1998 officieel niet meer bij de Stichting Varkens in Nood betrokken was, was hij toch regelmatig actief voor de stichting. In 2001 sprak Voskuil langdurig met toenmalig Minister Brinkhorst van Landbouw. Niet lang na dit gesprek hield Brinkhorst een opmerkelijke rede voor de Universiteit van Utrecht alwaar hij scherp stelling nam tegen de bio-industrie en Voskuil citeerde met de woorden “de boeren moeten zich schamen”. Brinkhorst heeft deze woorden nooit omgezet in daden, hij was een aanhanger van de vrije markt en die moest het welzijn van de dieren maar zien te regelen. Later kwam het tot een felle botsing tussen Voskuil en Brinkhorst toen Brinkhorst zich gedwongen voelde tijdens de MKZ crisis tienduizenden koeien af te slachten.
Gelukkig is er sinds de oprichting van Varkens in Nood in 1997 veel veranderd, althans, de publieke opinie is heel erg veranderd ten gunste van de productiedieren, maar de politiek bleef dadenloos. Dat was een grote teleurstelling voor Voskuil: “we hadden echt gedacht dat als we een meerderheid van de Nederlanders achter ons zouden krijgen, de politiek om zou gaan”. Maar helaas voor hem en Lousje en de varkens in nood overwon de landbouwlobby en niet de burger en veranderde er niets in politiek Den Haag.Tot een paar weken voor zijn overlijden was Voskuil nog betrokken bij Varkens in Nood. Voorzitter Hans Baaij kwam iedere 2 à 3 maanden verslag uitbrengen bij de Voskuilen en zij stonden hem bij met raad en daad. Want hoewel ze een leven leiden buiten de (moderne) maatschappij, had Voskuil een zeer goed gevoel wat er onder de mensen leeft en hoe campagnes het beste georganiseerd konden worden.
Interview
Het laatste interview dat Voskuil op 4 oktober 2007 in het kader van 10 jaar Varkens in Nood aan Pauline Veen van EénVandaag heeft gegeven kunt u hier bekijken. Op die dag publiceerde NRC een artikel over het tien-jarig bestaan van Varkens in Nood. Koos van Zomeren schreef in zijn boek De Levende Have twee verhalen over wandelingen met Voskuil. Deze verhalen zijn afkomstig uit het jaar 2002 en zijn hier te lezen (Koos van Zomeren, De Levende Have. Uitgeverij de Arbeiderspers, Amsterdam).
Comité van aanbeveling
Anouk J.M. Coetzee Inez van Dullemen Kees van Kooten Helga Ruebsamen Wim T. Schippers Peter van Straten Erik Vos Bettine Vriesekoop
|